Voetbal is, ook in Groningen en Drenthe, de grootste sport (in aantallen) met de grootste maatschappelijke impact. Veel liefhebbers zijn supporter van FC Groningen of FC Emmen, lokale betaald voetbal organisaties. Maar buiten dat zijn er vele die binding hebben met een amateurvereniging.
Zoals bekend is het voor de kleinere voetbalverenigingen, voornamelijk uit dorpen, steeds lastiger om spelers binnenboord te houden. Dat heeft natuurlijk te maken met de leeftijden van spelers: zodra een speler een jaar of zestien is, gaan er opeens andere zaken in het leven spelen. Een (bij)baan, studie of een relatie. Dan staat het voetbal niet meer op de eerste plaats.
Aan de andere kant zijn er ook andere sporten die enorm aan populariteit hebben gewonnen, voornamelijk padel. Dit is een individuele sport (die je weliswaar speelt tegen een tegenstander) waarbij je niet in teamverband fungeert. Dat past goed in het straatje van de toenemende individualisering van de Nederlandse maatschappij.
Uit onderzoek van het Mulier Instituut is gebleken dat steeds meer Nederlanders aangeven liever individueel sporten dan in teamverband. Waar in 2017 bijna een kwart (23%) aangaf het liefst individueel te sporten, is dat percentage in 2024 al ruim een derde (38%).
Dat is natuurlijk best een pittige aanslag op de teamsporten. Maar hoe verhoudt dit in Groningen en Drenthe? Uit onderzoek blijkt dat het gros van de dorpsverenigingen in dezelfde provincies moeite heeft om nieuwe leden aan te trekken én daarnaast het behouden van het huidige ledenbestand.
Desondanks geven de veertig deelnemende verenigingen aan dat het (volledige) ledenbestand niet heel erg is afgenomen. Bijna de helft van de verenigingen geeft aan dat het aantal leden juist is toegenomen. Het overige deel geeft aan dat er een afname is, of dat het stabiel is gebleven.
Verder in het onderzoek, dat aan alle dorpsverenigingen die derde klasse of lager speelden in het seizoen 2024/2025, wordt er ook gevraagd naar hoe verenigingen haar leden juist wél binnenboord houden. Dat wordt vooral gedaan door middel van zaken buiten het voetbal om. Denk hierbij aan clinics, feestavonden, clubgevoel creëren en het zorgen voor goede faciliteiten.
Onderstaand is de conclusie van het onderzoek te lezen.
Hoe stimuleren dorpsvoetbalverenigingen haar leden om te blijven voetballen, hoe werven zij tegelijkertijd nieuwe leden, en hoe effectief schatten zij hun eigen maatregelen in?
Om ervoor te zorgen dat verenigingen haar leden behouden blijven voetballen bieden verenigingen veelal gezelligheid, plezier en activiteiten. Er is in de benadering en behandeling van het stimuleren van de leden een verschil tussen senioren en junioren/pupillen. Ongeveer de helft van de verenigingen maken geen onderscheid tussen de senioren en de jeugd terwijl het resterende deel aangeeft wél verschil maakt hierin, als in de vorm van verschillende activiteiten voor de leeftijdscategorie.
Bij het werven van nieuwe leden maken de verenigingen veelal gebruik van de aanwezigheid van één of meerdere scholen. Verder spelen sociale media en mond tot mondreclame een grote rol om de vereniging zichtbaar te maken naar leden en niet-leden. Ook wordt er nog steeds door middel van flyeren gepoogd om mensen actief te laten worden bij de voetbalvereniging. Voor jeugdleden worden ook proeftrainingen of clinics ingezet.
Verenigingen kijken ook (kritisch) naar hun eigen handelen met betrekking tot ledenwerving. Inhoudelijk wordt er niet erg kritisch ingegaan op het eigen handelen (dat is een misschien een logisch gevolg van de vraagstelling), maar toch geeft een kwart van de respondenten aan dat de al getroffen maatregelen (nog) niet goed genoeg zijn. Een derde geeft aan dat de maatregelen goed zijn en de vruchten ervan worden geplukt.

Plaats een reactie